Boven je ‘zelf’…? (toch nog een column in mei:)

Gepubliceerd in InZicht nr. 73; mei 2017

Het is werkelijk briljant. De fundamentele misvatting is bijna hermetisch gesloten. Zodra Bewustzijn zich vereenzelvigt met het lichaam is het illusoire individu geboren. En hoe wordt er vervolgens aan individualiteit gehecht, met alle afgescheiden ellende van dien. Zoals ik reeds in ander verband betoogde in m’n laatste boek ‘Olie op het vuur’:  jij hebt jou niet gemaakt!
Je bent ontstaan, als gevolg van een groeiend bewustzijn die bij het lichaam hoort, een voedsel product zoals Nisargadatta ons leert, dat zich vervolgens als ‘ik ben de body-mind’ gaat opstellen. Een misvatting, of overtuiging die diepgaand is, dagelijks versterkt wordt door andere geïdentificeerde organismen, en zelfs in spirituele kringen nauwelijks onderzocht wordt.

Het geïdentificeerde wezen zoekt naar vervulling, de ideale partner, een gezondere life-style, een betere mediatie techniek, een leuker boeddha beeldje, een coolere goeroe, een beter zelf-beeld of wat dan ook. Tamelijk hilarisch als het niet ook zo pijnlijk over zou komen.

Het punt is: er is geen zelf, dat is slechts een illusie. En derhalve is zo’n beetje alles wat zo’n illusie roept, zoekt en vermijdt ook illusoir. De wereld is geen illusie, JIJ bent een illusie (en daarmee de wereld waarin geloofd wordt). Realiteit is geen illusie, maar die is onkenbaar vanuit het geïdentificeerde standpunt. En nogmaals: dat heb jij niet gedaan, het is jouw schuld niet. Wat je meent te zijn is de oorzaak van het zich vereenzelvigende bewustzijn. Het is een geweldige, maar wellicht wrange grap.

Op momenten dat de vereenzelviging wat zwakker wordt, en er stilte, openheid, het ‘andere’ meer op de voorgrond treedt zijn mensen zo ongelooflijk mooi. Op de derde dag van het onlangs gehouden drieluik was dit zo merkbaar. De verschillen vielen weg. De hele groep leek één wezen, één veld van stille sensitieve ontvankelijke en intelligente aandacht.

Ik weet dat het ook zo kan. Dat een mens zo kan zijn. Het is zeldzaam, maar gebeurt, al is het maar tijdelijk. Dan is ‘the observer’ weg. De afgescheidenheid opgelost. De waan weggevallen. ‘Love is when the mind is not’, zei Krishnamurti. En: ‘In complete attention there is no observer’. Dat was de ingang tijdens het Drieluik, het centrale thema.

Het is niet jij als persoon die dient te, of kan ontwaken, het is bewustzijn die loopt te dromen iemand te zijn. En er maar al te vaak een nachtmerrie van lijkt te maken, op individueel niveau, maar ook wereldwijd. Hoewel Hans soms fel tekeer lijkt te gaan tegen zoekers, is het nooit tegen de persoon gericht (al kan dat wel zo lijken te zijn), het is immers volstrekt helder dat er niemand is die zichzelf doet, in slaap houdt, het verkeerd ziet of wat dan ook.

Wat je meent te zijn is een gevolg. Het gevolg van een kleine, maar o zo cruciale misvatting. Daarom riep ik lang geleden al, dat vanuit de ene kant gezien bewustzijn een zegen lijkt, een poort naar vrijheid. Terwijl het vanuit de andere kant bezien het begin van alle ellende is. Zodra het gevoel, de overtuiging ‘ik ben’ wortelschiet is de kans immers levensgroot aanwezig dat het zich hecht aan het lichaam, en er een ik-ben-(in)-deze-body-mind aandoening ontstaat die dieper lijkt te gaan dan welke andere overtuiging ook.

Anyway. Boven jezelf uitstijgen is een uitdrukking die vanuit advaita-perspectief een beetje vreemd is. Het is namelijk strikt genomen niet mogelijk om boven iets uit te stijgen wat niet bestaat, en heeft in spirituele zin niks te maken met beter presteren dan voor mogelijk werd gehouden, waar de uitdrukking vaak op slaat (in bijvoorbeeld ‘sportieve’ of ‘artistieke’ zin).

Het is niet het zelf dat tot realisatie komt of niet, maar bewustzijn. Het is niet het zelf dat tot onderzoek in staat is maar bewustzijn. De mind en het zelf zijn deel van wat wordt onderzocht en eventueel doorzien. Er is geen verlichting voor het ‘zelf’, enkel de bevrijding van de terreur van het geloof erin. Maken deze woorden iets duidelijk? Dat zou mooi zijn 🙂

B well, h

Schreef ik onlangs nog dat de laatste column in september zou verschijnen, blijkt ie er toch nu – in het meinummer – in te staan. Mooi! Communicatie is nooit wat we denken dat ‘t is.