Maart roert zijn staart

cover 61Verschenen in InZicht nr. 61 – mei 2014 (de onverkorte versie).

Mijn lief zit in Schotland, althans nu dit geschreven wordt. Voor drie maanden: voor herwaardering, ontmanteling, zelfonderzoek. ‘Alles op de schop’ heet een van de hoofdstukjes in mijn in nieuw te verschijnen boek Rozengeur & Prikkeldraad. Stoer. Nou soms was hansje niet zo stoer. Hij miste zijn lieffie en kreeg dan bijvoorbeeld als respons: ‘nou, ik mis jou helemaal niet en dat zal voorlopig niet gebeuren ook, heb het hier prima met mezelf.’ Haha. Vond hansje niet zo leuk op dat moment en dacht: ‘ja, ze loopt rond te rennen als een kind in een snoepwinkel over de koele Schotse heuvels die niks vragen, lekker makkelijk en ik zit in ’ons’ huis, waar alles verwijst naar jou, snik.’ Je kent dat wel, onvolwassen puber gedoe. Wakker maar nog niet volgroeid.

Hansje was dus af en toe een beetje aan het klagen, zijn slachtofferklier speelde weer eens op. En hij wist toen hij haar adviseerde om een tijd lang te gaan en alles uit te zoeken over werk en wonen, en echt zijn, intimiteit en relatie, en kunst, dat het tricky was, maar wat moet je dan? Alles laten voortsudderen en die groeiende ontevredenheid aanzien, en zelf je ontevredenheid ook voelen groeien, en niks ondernemen, het houden zoals het is? Zelfs al was of leek die relatie stukken beter dan menig andere? Verslaafd aan willen delen, samenleven met iemand, een meissie of ventje ‘hebben’? Pfff. Hou toch op.

Je krijgt altijd de goeroe die je nodig hebt, in mijn geval is dat meestal mijn ‘geliefde’ (hoe ze ook heet op dat moment). Die laat altijd perfect zien waar hansje nog vasthoudt, afhoudt, claimt, controleert (of denkt dat ie dat kan) en dat soort gedoe, in al zijn verlichte wijsheid, haha. Maar: het duurt nooit lang, die weerstand en identificatie stuff enzo. Gaat niet meer, de angel is er al te lang uit. De angel van een afgescheiden zelfje, en andere afgescheiden zelfjes die iets zouden doen, en dus een ‘je’ iets zouden kunnen aandoen, en dat soort gedoe. Wel leuk dat angel en ‘angel’ (Engels) zo op elkaar lijken, toch? Maar dat terzijde natuurlijk want slaat ook verder nergens op, zoals niks ergens op slaat trouwens. Ook m’n nieuwe boekje niet, hoe pittig en confronterend en ‘waar’ het ook gevonden kan worden (of stom en vervelend natuurlijk). En ook dat allemaal terzijde. ‘Alles terzijde’ is sowieso het beste, lijkt me zo. Maar ja, what do I know?

Maar goed, de illusie sferen lijken soms taai, als kauwgom aan je schoenzool, en steken soms de kop op. Mooi zo, kunnen ze worden afgehakt enzo. En weer niks echt gebeurd of veranderd, al lijkt dat van buitenaf misschien van wel. Iets kan wel zo lijken, maar lijken leven niet. Al denk je soms van wel, omdat je er zelf energie in stopt enzo.
Dus, ik weet niet waar het heengaat, lief. Zo schreef ik eerder in een column over afstand en intimiteit ofzo. En dat weet een ‘ik’ nooit, waar iets heengaat, toch? Je wel kunt allerlei beelden koesteren en verwachtingen en verlangens enzo, maar je weet eigenlijk niks, maar dat wil je niet weten of toegeven. Right? Liever dromen dat je wel iets weet of kunt voorzien of voorkomen of sturen.

Maar goed, wat ‘mij’ aangaat is alles perfect en ben ik snel klaar met deze column, die eerst maar niet komen wilde.

Afgelopen week was ik bij haar in Schotland, fijne week, veel delen, opruimen, was goed en rond, en ook mooi weer daar. Gaaf. Hoe dan ook. De zon schijnt en het is 31 maart nu. Geen roerende staart gezien. Dus alles is goed. Maar dat zou het ook zijn als het waaide en regende, right?

Oja, en het thema nummer is verslaving. Nou: ik ben vet voor verslavingen, geweldig! Wou dat ik er meer had. Als je denkt een iemand te zijn ben je trouwens altijd verslaafd. Aan sigaretten, of gezond leven, of zonder verslaving moeten zijn, of coke, of auto’s, of genegenheid, of spulletjes, of spirituele waanideeën, of wat dan ook. Dus: alle verslaafden ter wereld verenigt u! Want dat bent u al: alles is enkel het spontane functioneren van dat verdomde bewustzijn, dus verslavingen zijn daar ook een uiting van. Het gaat verder sowieso nergens om, niks is belangrijker dan iets anders, alles is leeg, en er is niemand thuis.

En ‘ik’? Er hoef niets meer.
Niks meer dan er is. Met of zonder ‘liefje’.
Ik ga daar sowieso niet over, never have anyway…
Ik takes two to tango and all that, we zullen zien met of zonder wie er gedanst zal worden.
Fijne levensdans gewenst…met stukjes spek enzo (die ik niet lust, sorry).