Rede en Religie

cover 63Rede en religie- Verschenen in InZicht nr. 63, november 2014

De begrippen rede en religie in een zin is tamelijk amusant, wat mij aangaat. De razendsnelle conclusie kan enkel zijn: waar rede heerst is religie overbodig. Maar rede heerst niet. Homo rationalis is een fictie, zoals er vele zijn natuurlijk. We geloven dat we rationeel zijn. Geestig toch?

Oke, effe terug naar een woordenboekje.

Onder religie (Religare, Latijn voor verbinden) wordt meestal één van de vele vormen van zingeving bedoelt. Rede staat voor een hogere orde dan simpelweg ‘het verstand’. Ratio, logica, vernunft.

Mooi. Verbinden, suggereert een gebrokenheid, of afgescheidenheid. Is die er dan? Die wordt wel gevoeld door de meeste mensen, dus dat is het uitgangspunt. Niet logica, maar een gevoel. Angst dus 🙂 .

Dus: geloofssystemen en goden zijn uitgevonden door en voor bange mensen die niet in staat zijn zich te verzoenen met de onrechtvaardige, weerbarstige en willekeurige realiteit.

Oke: zingeving. Ja, die moet je er maar aan geven, want in werkelijkheid is er geen Zin, Betekenis of Bedoeling.

Dingen hebben enkel zin in een bepaalde context, in het relatieve dus. Als ik wil dat mijn hond tevreden is, is het zinvol met hem te wandelen, spelen, hem duidelijkheid te verschaffen en goed voer geven.

Maar heeft Het Leven zin? Gaat het ergens heen dan?

Het overweldigende van het leven heeft de emotionele, primitieve mens ertoe gebracht van alles en nog wat te verzinnen om de onbegrijpelijkheden van het bestaan in een Hogere context te plaatsen zodat het begrijpelijk en rechtvaardig lijkt. Blijkbaar wordt het leven als niet zo fijn ervaren, want vele religies beloven dat het later beter wordt, in het hiernamaals, op de eeuwige jachtvelden, in een volgend leven, of op Krishna loka of zo.

Op een wrange wijze wel grappig dat al dit ge-geloof tot zoveel ellende leidt, zelfs nu nog in 2014. De ene z’n Sinterklaas is beter dan die van de ander, de wetjes van de één meer in overeenstemming met één of ander heilig verklaard boek, dan de wetjes van een ander, dus: op de vuist, met heilig boekje in de ene hand en een AK-47 of M-16 in de andere. Heerlijk al dat her-verbinden.

Maar goed, voor sommigen biedt een beetje geloof wat troost en kalmte, en of dat nou in onzichtbare marsmannetjes is, het idee van vrije wil, of een of andere vorm van in de hemel geprojecteerde superpappie maakt niet uit. Wie even echt nadenkt beseft snel dat geloven een zwaktebod is, en tevens dat vrijwel elk mens eraan lijdt. (Magisch denken: de angst bezweren, veel meer is het niet.)

We geloven allemaal van alles en nog wat, want voor de goede orde: geloven dat het neo-liberalisme alles oplost is net zozeer waanzin als denken dat socialisme het ultieme antwoord is. En geloven dat alles-één-is is ook maar een sussertje voor het slapen gaan.

Is het redelijk om aan te nemen dat alles wordt bestiert door een superwezen dat buiten ons blikveld ligt? Nee, uiteraard niet, behalve als wij geruststelling zoeken voor het verontrustende in het leven: slechte hebberige lui lijken het goed te hebben, zogeheten goede mensen hebben het lastig, onschuldig verklaarde mensen storten in een vliegtuigje ter aarde, worden weggespoeld door een tsunami, of verjaagd en verminkt en verkracht door bendes gewapende kerels (die ook weer van alles geloven te geloven).

Het is allemaal zo slecht te volgen, zo willekeurig en oneerlijk, er moet wel een dieper plan achter zitten, toch, al zal het wel ondoorgrondelijk zijn?

Er is niets heilig, er is niets zinvoller dan iets anders, het leven heeft geen doel, betekenis, er is geen plan. Het leven leeft! That’s it. En het mooie is, het heeft genoeg aan zichzelf vooral wanneer iemand zijn kinderlijke primitieve behoeftigheid aan (emotionele irrationele) betekenisjes laat vallen.

Leven is moeiteloos, het is dus niet de moeite waard, want het kost geen moeite.

Jij en leven zijn niet-twee, dat geloof je enkel maar.

Dus zoals ik in Rozengeur & Prikkeldraad al betoogde: er is maar één wereldreligie: egoïsme ofwel ‘afgescheidenheid’: de overtuiging een afgescheiden wezen te zijn die in de wereld, of ‘op aarde’ is gekomen, waar allerlei andere afgescheiden wezens ronddolen. Ik hier-god daar. Twee dus. Ik hier bewustzijn (leven, de ander) daar: twee dus. Zucht.

Mensen zijn allemaal gelovigen, ook de atheïstjes.

Nou maar wachten tot Jezus komt.